Nieuws - 04 februari 2019

J.C.G.M. Jansen (1937-2019)

Op 29 januari jl. is prof. dr. J.C.G.M. Jansen overleden op 81-jarige leeftijd. Hans Jansen was van 1979 tot 1998 directeur van het Sociaal Historisch Centrum voor Limburg. Het SHCL denkt met veel respect aan hem terug. Als bijzonder hoogleraar sociale en economische geschiedenis legde hij de grondslag voor de samenwerking van het SHCL met de Universiteit Maastricht. (Foto: Frits Widdershoven)

Hans Jansen werd geboren op 7 maart 1937 te Ravenstein (Noord-Brabant) in een onderwijzersgezin. Na zijn studies filosofie en geschiedenis aan de Katholieke Universiteit Nijmegen ging hij aan de slag bij het Sociaal Historisch Centrum voor Limburg (SHCL), de instelling waaraan hij zijn hele werkzame leven (1964-1998) verbonden is gebleven. Als jong historicus vestigde hij de aandacht op zich met zijn aandeel in De geschiedenis van de landbouw in Limburg 1750-1914 (1965). De landbouwgeschiedenis liet hem niet meer los, wat overigens geen beletsel was om daarnaast over tal van andere historische onderwerpen te publiceren. Zijn onderzoek naar de opbrengsten van de kerkelijke tienden op de lössgronden mondde uit in Landbouw en economische golfbeweging in Zuid-Limburg, 1250-1800, het proefschrift waarop hij in 1979 promoveerde bij prof. P.H. Winkelman (K.U. Nijmegen). In hetzelfde jaar volgde hij J.F.R. Philips (1925-2018) op als directeur van het SHCL. In 1983 werd hij benoemd tot bijzonder hoogleraar sociaaleconomische geschiedenis van Limburg.

Hans Jansen was een productieve, veelzijdige historicus met organisatietalent en zakelijk inzicht. Hij bekleedde tal van functies in besturen, redacties en academische beoordelingscommissies. Hans Jansen was jarenlang de motor van de Studies over de sociaaleconomische geschiedenis van Limburg en van de regionaal-historische reeks Maaslandse Monografieën. Menige auteur heeft baat gehad bij zijn opbouwende kritiek en praktische adviezen. Het maakte hem trouwens niet uit of het een promovendus was van hemzelf of van een collega-hoogleraar. Als ambassadeur van de wetenschappelijke geschiedbeoefening in Limburg legde hij contacten met collega’s in binnen- en buitenland. Hij keek over de grenzen van de provincie heen, beseffend dat de geschiedenis van een provincie als Limburg alleen begrijpelijk wordt in een ruimer geografisch-politiek kader.

Hans Jansen heeft, voortbouwend op het werk van zijn voorgangers, een unieke infrastructuur tot stand gebracht op het kruispunt van historisch onderzoek, documentatie en educatie. Daarnaast had hij ook maatschappelijke verdiensten voor onder andere het provinciale jeugdbeleid. Christelijke sociale bewogenheid kan hem niet ontzegd worden. Bij zijn afscheid werd hij benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Het Landschaftsverband Rheinland onderscheidde hem met de Rheinlandtaler. De Vereniging voor Landbouwgeschiedenis kende hem het erelidmaatschap toe vanwege zijn verdiensten voor de beoefening van de agrarische geschiedenis.

Na zijn emeritaat bleef hij onderzoek doen en publiceren. Zo schreef hij een boek over de geschiedenis van  het voortgezet onderwijs in Heerlen alsmede diverse artikelen in de Spiegel van Roermond. Hij hield zich bezig met de sociaaleconomische geschiedenis van het Joodse leven in Limburg en aangrenzende gebieden, totdat de ziekte van Parkinson hem het schrijven onmogelijk maakte. De laatste maanden van zijn leven woonde hij in een verpleegoord in Heerlen. Zijn persoonlijke bibliotheek liet hij na aan het SHCL.

Een uitgebreide schets van zijn loopbaan verscheen in 1998 in de afscheidsbundel Regionale geschiedenis zonder grenzen. Opstellen aangeboden aan prof. dr. J.C.G.M. Jansen (Cahiers van het Sociaal Historisch Centrum voor Limburg 1).